Afmeren bij de Notre-Dame
25/06/09 16:00

Deze moesten in eerste instantie de aanvoer van voedsel en brandstof naar Parijs mogelijk maken. Het heuvelachtige Franse landschap vormde voor de kanaalbouwers geen belemmering. Het resultaat is een enorm netwerk van grote en kleine kanalen met scheepsliften, aquaducten, tunnels en ontelbare sluizen, die soms trapsgewijs aaneengeschakeld zijn. Voor watersporters vormt dit een goede gelegenheid om Frankrijk eens op een andere manier te verkennen.
Spits
Bij de aanleg van de Franse sluizen golden standaard afmetingen: schepen van 38 m x 5,10 m passen er precies in. Franse vrachtschepen, die de naam spits dragen, herken je er nog altijd aan: met hun stompe voor- en achterkant zijn ze ontworpen om binnen deze afmetingen zo veel mogelijk vracht mee te nemen.
Eiffeltoren
Indien de planning het toelaat, is het binnenvaren van Parijs via de Seine ongetwijfeld een hoogtepunt. Vanuit het westen voert de tocht langs de imposante kantorenwijk La Défense, iets later komt de Eiffeltoren in zicht en vervolgens duikt het Vrijheidsbeeld op. Met het passeren van de vele bruggen, zoals de fraaie Pont Alexandre, krijgt Parijs een ander gezicht. Via een rondje om het Île de France kan de Notre-Dame van alle kanten bekeken worden. Minder bekend is het om Parijs via haar kanalen te ontdekken. Rond 1800 is onder Napoleon een begin gemaakt met de aanleg van deze kanalen. Ze dienden als aanvoer van drinkwater en voor transporten per schip. Een voorbeeld is het Canal St. Denis dat van St. Denis aan de Seine tot aan het het 19e arrondissement loopt. Het kanaal heeft zeven sluizen met een gemiddeld verval van vier meter.
Een interessant naslagwerk voor de reis is de Vaarwijzer Franse Binnenwateren (193 p.). Dit boekwerk beschrijft 8.000 kilometer Franse kanalen en rivieren in het Nederlands.

